Omgevingswet en Omgevingsbesluit in strijd met internationale verplichtingen?

Op 30 mei behandelt de Eerste Kamer de vier AMvB’s die uitvoering geven aan de nieuwe Omgevingswet. Eén van die AMvB’s is het “ontwerp Omgevingsbesluit”. Daarin komt ook het onderwerp “burgerparticipatie” aan de orde.

Er zijn goede redenen om te betwijfelen of op dit onderwerp – burgerparticipatie – de Omgevingswet en het Omgevingsbesluit in overeenstemming zijn met de internationale verplichtingen van Nederland. Hierna wordt eerst uiteengezet wat die redenen zijn; dat gebeurt op hoofdlijnen, maar alle ondersteunende documentatie is opgenomen in de bijlagen. Die analyse leidt vervolgens tot een tweetal vragen die de Eerste Kamer aan de verantwoordelijke minister zou moeten stellen.

In ons constitutionele bestel is het bewaken van de rechtsstaat een bijzondere taak van de Eerste Kamer. Daarom past het juist de eerste Kamer om zeker te stellen dat wet- en regelgeving in overeenstemming is met de verplichtingen van Nederland ingevolge internationale verdragen en EU recht. Dat is niet alleen een zaak van principe, maar ook van praktisch belang: de revisie van het omgevingsrecht zal falen als na vaststelling blijkt dat belangrijke onderdelen niet rechtsgeldig zijn.

Lees verder in het artikel “AMvB’s omgevingswet eerste kamer”: AmvB’s omgevingswet eerste kamer